Samenwerken.

23 mei 2022

Met één of meer anderen werken aan hetzelfde doel. Het lijkt simpel zoals ik het hier opschrijf. Maar dat blijkt het in praktijk soms echt niet te zijn. Goed kunnen samen werken lijkt soms wel een doel op zich. Ik zie dat in teams die ik begeleid, ik zie dat bij onze dochters op de middelbare school, ik merk het soms zelf wanneer ik samen met anderen aan iets werk.

Wat gaat er mis?

Dat begint al wanneer men er niet zelf voor kiest om met de ander samen te werken. Anderen hebben bedacht dat er door bepaalde personen samen gewerkt moet worden. Wanneer deze personen dan samen aan de slag aan, kan het zomaar gebeuren dat er een discussie ontstaat over het doel dat behaald moet worden. Laat staan dat er goede afspraken gemaakt worden over wie welke bijdrage doet en of die in balans is. Vervolgens moet dan nog ieder zich aan de gemaakte afspraken en deadlines houden.

Wat gebeurt er vervolgens op het eerstvolgende voortgangsoverleg. Niet iedereen is aanwezig. Een aantal mensen heeft gedaan wat er afgesproken is en een aantal niet. Er ontstaat opnieuw een discussie over het te behalen doel. Er ontstaat frustratie over de taakverdeling. Een aantal mensen roept: “Ja maar”, een aantal mensen zakt zuchtend onderin de stoel, Sommigen proberen een herformulering van het doel te bewerkstelligen en nog weer anderen beginnen aan een nieuwe taakverdeling en afspraken.

 Zo ontstaat er een groep individuen die vooral bezig is zichzelf overeind te houden in een samenwerking die niet werkt.

 Want om goed te kunnen samenwerken zijn een aantal voorwaarden nodig.

Verbinding.

Het klinkt misschien logisch, maar om met elkaar te kunnen samenwerken heb je onderlinge verbinding nodig. Er is dus, voordat een samenwerking start, werk te doen in de onderlinge relatie van degene die gaan samenwerken. Die onderlinge relatie kan ontstaan doordat men zich erkend voelt door de samenwerkingspartners. De kracht van de samenwerking staat of valt met de kwaliteit van de samenwerkingsrelatie. Een relatie ontstaat meestal op het persoonlijke vlak, doordat je elkaar leert kennen en je kunt ontdekken waar  inhoudelijke en persoonlijke raakvlakken liggen. Kun je dan alleen samen werken wanneer de ander je persoonlijk ligt?

Nee, je hoeft elkaar echt niet geweldig te vinden. Er is echter wel een bepaalde mate van acceptatie nodig om met elkaar te kunnen samen werken. Acceptatie dat je niet hetzelfde bent, dat je anders tegen dingen aan kunt kijken en dat je elkaar erkent in je anders zijn. Bereid bent om vanuit elkaars perspectief te kijken en het voor dat moment best geldende compromis te kiezen. Helaas gaat het bij slechte samenwerkingsrelaties te vaak over het hebben van gelijk.

Betrokkenheid.

Het is heel lastig om te werken aan een doel waarbij je niet betrokken bent. Wanneer je niet weet hoe iets ontstaan is of wat de toegevoegde waarde is, laat staan dat je betrokken bent bij het tot stand komen ervan. Betrokkenheid en invloed leiden tot motivatie om met elkaar aan de slag te gaan. Als je niet betrokken bent bij het doel of gewenste resultaat, wat motiveert je dan om ermee aan de slag te gaan. Het gebeurt vaak dat een doel of gewenst resultaat tot stand komt op basis van de meerderheid van stemmen of op basis van de beslissingsbevoegdheid van de leider. Samenwerkingspartners die niet betrokken zijn stellen nut, noodzaak en het proces ter discussie. Hun motivatie ligt vooral op het verkrijgen van invloed, en dus betrokkenheid, op het doel of gewenste resultaat.

Keuzevrijheid.

Keuzevrijheid begint met de vraag of iemand bereid is om samen met de ander(en) te werken aan een gezamenlijk doel of resultaat. Sommige mensen zijn nu eenmaal beter als solist dan als samenwerkingspartner. In onze cultuur wordt dat nogal eens veroordeeld. Als je niet van samenwerken houdt wordt je als snel gezien als asociaal of egoïstisch. Maar hier begint het erkennen dat we allemaal anders zijn en allemaal ergens anders goed in zijn. Wat de één motiveert kan bij de ander juist het tegenovergestelde effect hebben. Solisten zijn doorgaans goed in hele andere dingen dan teamplayers. En als iemand dan gekozen heeft voor de samenwerking, geef hem of haar dan de keuze welke bijdrage hij of zij wil leveren. Wanneer er een helder overzicht is van de taken die nodig zijn om het resultaat te bereiken kan iemand zelf kiezen wat bij hem of haar past en welke taak hij of zij op zich kan nemen binnen de gestelde deadline.

Een goed team.

Een team waarbij maximale verbinding, betrokkenheid en keuzevrijheid gefaciliteerd wordt. Mensen dwingen met elkaar samen te werken vanuit hun functie of vanuit de hiërarchie leidt meestal tot problemen en bereiken vrijwel nooit het beoogde resultaat. Of het resultaat wordt door een gedeelte van de samenwerkingspartners bereikt, die vervolgens gefrustreerd raken over de samenwerking in zijn totaliteit. Helaas gooien we nog te vaak een aantal functionarissen bij elkaar die het samen maar moeten gaan doen omdat het bij de functie hoort. Een goed team vormt zichzelf wanneer dat proces gefaciliteerd wordt. En werkgeluk wordt ook voor een groot gedeelte bepaald door verbinding, betrokkenheid en keuzevrijheid. Gelukkig team, en gewenst resultaat, dat lijken mij twee vliegen in één klap.

Share This